Belastingteruggave aan nabestaanden

18 november 2020

De Belastingdienst werkt aan een nabestaandenmachtiging voor de verbetering van dienstverlening aan nabestaanden. Dit blijkt uit de beantwoording van Kamervragen door staatssecretaris Vijlbrief over de afwikkeling van de belastingteruggave aan nabestaanden.


De Belastingdienst stuurt na ontvangst van het bericht dat een belastingplichtige is overleden vanuit het geautomatiseerde systeem een condoleancebrief naar het laatst bekende adres van de overledene. Bij die brief zit een formulier waarin gevraagd wordt om de naam en het adres van een contactpersoon ten behoeve van het afhandelen van lopende zaken van de overledene. Bij de eerste teruggave wordt een ervenbrief gestuurd naar de contactpersoon, als deze inmiddels bekend is, of naar het laatst bekende adres van overledene met het verzoek de gegevens te verstrekken om de teruggave uit te kunnen betalen.
Voor elke teruggave verstuurt de Belastingdienst een aparte beschikking en als het een teruggave van toeslagen of IB betreft, wordt er per teruggave ook een mededeling gestuurd. Daarin wordt vermeld dat het terug te betalen bedrag wordt uitbetaald aan de erfgenamen of, als geen rekeningnummer bekend is, dat het bedrag aan de Belastingdienst vervalt. Nabestaanden krijgen dus meerdere berichten wanneer er sprake is van een teruggave. Een eventuele teruggave wordt gestort op het bankrekeningnummer van de overledene. Is het rekeningnummer inmiddels opgeheven, onjuist of onvolledig, dan wordt de teruggave door de bank teruggestort op de rekening van de Belastingdienst. In dat geval krijgt de contactpersoon met het verzoek om een bankrekeningnummer door te geven. Wanneer de Belastingdienst deze teruggave niet kan overmaken, wordt het bedrag van de teruggave nog vijf jaar bewaard. Het wordt alsnog uitbetaald als de erfgenamen een rekeningnummer doorgeven.
De Belastingdienst stuurt automatisch een F-biljet aan de contactpersoon van de nabestaanden tenzij de overledene in de belastingjaren voorafgaand aan zijn of haar overlijden, niet werd uitgenodigd voor het doen van aangifte vanwege het ontbreken van de aangifteplicht voor de IB. De uiterste inleverdatum voor het F-biljet is 1 mei van het jaar volgend op het jaar van overlijden.
In verband met de beschikbare automatiseringscapaciteit is het nog niet mogelijk een digitaal F-biljet te ontwikkelen. Voor de groep nabestaanden, die na afloop van het jaar van overlijden aangifte IB willen doen, verwacht de Belastingdienst dat in de tweede helft van 2021 een oplossing kan worden geboden. Voor de groep nabestaanden die al tijdens het jaar van overlijden de aangifte IB willen indienen kan op korte termijn geen online oplossing worden geboden.
De Belastingdienst en Logius (BZK) werken aan een nabestaandenmachtiging voor de verbetering van dienstverlening aan nabestaanden. Deze machtiging kan worden gebruikt voor de inzage in en afhandeling van belasting- en toeslagenzaken voor de overledene. De Belastingdienst heeft in onderzoek op welke wijze deze machtiging ook is in te zetten voor het doen van de online aangifte IB voor een overledene door een nabestaande. De voortgang en de uitkomsten worden opgenomen in de eerste voortgangsrapportage 2021.
Bij bezwaar, beroep en administratief beroep hanteert de Belastingdienst reactietermijnen conform wet- en regelgeving. Als het gaat om informatieverzoeken hanteert de Belastingdienst de algemene beginselen van behoorlijk bestuur. De staatssecretaris ziet hierom geen aanleiding om de reactietermijnen voor belastingplichtigen of de Belastingdienst te herzien.

Bron: MvF 05-11-2020