Door vertrouwensbeginsel verliest fiscus heffingsrecht

10 juli 2019

Rechtbank Den Haag is van oordeel dat de Belastingdienst de navorderingsaanslagen vennootschapsbelasting moet vernietigen vanwege de toepassing van het vertrouwensbeginsel.

Een bv is in 1984 opgericht en heeft tot 1 juli 2008 één bestuurder. Vanaf dat moment gaat een op Malta gevestigd trustkantoor de bestuurstaken van de bestuurder voor de bv overnemen. De bestuurder zelf emigreert naar Zwitserland. De belastingadviseur wil zekerheid hebben over de vraag of de feitelijke leiding van de bv is verplaatst naar Malta en legt de vraag voor aan de inspecteur. Na enige correspondentie bevestigt de Belastingdienst het standpunt van de adviseur. Toch legt de inspecteur aanslagen vennootschapsbelasting en aanslagen dividendbelasting op. In geschil bij Rechtbank Den Haag is de vraag of de Belastingdienst die aanslagen nog kan opleggen.
De rechtbank oordeelt dat de Belastingdienst de aanslagen vennootschapsbelasting niet had mogen opleggen. De inspecteur heeft ten minste de schijn gewekt van een bewuste standpuntbepaling over de plaats van feitelijke leiding van de bv. Daar doet niet aan af dat de bv naar Nederlands recht is opgericht en daardoor volgens de Nederlandse wet binnenlands belastingplichtig is. Door het verdrag met Malta is de belastingplicht beperkt tot Nederlandse bronnen. De belastbare winsten door de ontvangen rente-inkomsten van de in Zwitserland wonende bestuurder zijn niet afkomstig van een Nederlandse bron. De remittance-base bepaling in het belastingverdrag met Malta ziet ook niet op deze situatie. Daarom heeft Nederland geen heffingsrecht. De rechtbank vernietigt eveneens de aanslagen dividendbelasting. In beginsel is de bv inhoudingsplichtig voor de dividendbelasting omdat de bv naar Nederlands recht is opgericht. De rechtbank is van oordeel is dat de feitelijke leiding van de bv op Malta is gevestigd. Daardoor is de bv voor het belastingverdrag met Malta inwoner van Malta en dit werkt ook door naar het belastingverdrag met Zwitserland, de woonplaats van de bestuurder. De rechtbank verwijst voor zijn oordeel naar het drielandenpunt-arrest van de Hoge Raad van 28 februari 2001 en oordeelt dat de bv gevestigd is op Malta. Nederland is daardoor niet bevoegd aanslagen dividendbelasting op te leggen.

Bron: Rb. Den Haag 21-03-2019, nrs. 17_7085, 17_7086, 18_5026, (gepubl. 5-7-2019), (ECLI:NL:RBDHA:2019:2918); HR 28-02-2001, nr. 35557 (ECLI:NL:HR:2001:AB0296)
Verdrag: art. 2 lid 5 en 4 Verdrag met Malta, art. 2 en art. 9 Verdrag met Zwitserland (1951) en art. 4 en art. 10 Verdrag met Zwitserland (2010)