Besluit doorschuifregeling aangepast

30 mei 2018

Besluit doorschuifregeling aangepast

De staatssecretaris heeft het besluit inzake de doorschuifregeling bij staking door overlijden (art. 3.62 Wet IB) en de doorschuifregeling naar ondernemers (art. 3.63 Wet IB) aangepast.

In onderdeel 4.3 ‘Overdracht aan medefirmanten of aan werknemer’ is een nieuwe goedkeuring opgenomen over de overdracht aan een werknemer. De staatssecretaris keurt goed dat doorschuiving op basis van art. 3.63 Wet IB kan plaatsvinden als de onderneming van de overledene eerst in de nalatenschap valt en de niet-voortzettende erfgenamen de onderneming daarna leveren aan een voortzettende firmant of werknemer.

In onderdeel 5 ‘Doorschuiving naar ondernemer of werknemer; toepassing van de 36-maandseis’ zijn criteria opgenomen aan de hand waarvan wordt bepaald of een uitzondering op de 36-maandseis van toepassing is. Dit kan spelen bij seizoenbedrijven, opeenvolgende dienstverbanden of deelname in een samenwerkingsverband of bij onderbreking van een dienstverband.

De gevolgen van het arrest van de HR van 5 januari 2007, nr. 42.683 (ECLI:NL:HR:2007:AY9928) voor art. 3.63 Wet IB zijn in onderdeel 6 toegelicht.

Met dit besluit zijn de besluiten van 12 april 2002, nr. CPP2002/137M en van 18 juli 2008, nr. CPP2008/163M (Stcrt. 2008, nr. 146) samengevoegd en geactualiseerd. Verder zijn er geen inhoudelijke wijzigingen beoogd ten opzichte van deze besluiten.

Het besluit treedt in werking op 31 mei 2018.

Bron: MvF 14-05-2018, nr. 2018-64996 (Stcrt. 2018, 29948) bank
Wet: art. 3.62 en 3.63 Wet IB 2001