scales Wet inkomstenbelasting 2001 [Tekst geldig vanaf 01-01-2019 tot 01-01-2020]

Inhoudsopgave

scales Opschrift

scales Wet inkomstenbelasting 2001

[Tekst geldig vanaf 01-01-2019 tot 01-01-2020]

Wij Beatrix, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben, dat het wenselijk is om de grondslag van de belasting op inkomen te verbreden en te versterken;

Zo is het, dat Wij, de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

scales Hoofdstuk 1. Algemene bepalingen

scales Artikel 1.1. Inkomstenbelasting

Onder de naam inkomstenbelasting wordt een belasting geheven van natuurlijke personen.

scales Artikel 1.2. Uitbreiding en
beperking partnerregeling

1.

In aanvulling op artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen scales wordt voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen onder partner mede verstaan degene die op hetzelfde woonadres als de belastingplichtige staat ingeschreven in de basisregistratie personen en:

  1. uit wiens relatie met de belastingplichtige een kind is geboren;

  2. die een kind van de belastingplichtige heeft erkend dan wel van wie een kind door de belastingplichtige is erkend;

  3. die voor de toepassing van een pensioenregeling als partner van de belastingplichtige is aangemeld;

  4. die samen met de belastingplichtige een woning heeft, die hun anders dan tijdelijk als hoofdverblijf ter beschikking staat op grond van eigendom, waaronder begrepen economisch eigendom, of op grond van een recht van lidmaatschap van een coöperatie;

  5. die evenals de belastingplichtige meerderjarig is, waarbij op dat woonadres tevens een minderjarig kind van ten minste een van beiden staat ingeschreven, behoudens ingeval de belastingplichtige door middel van een schriftelijke huurovereenkomst, waaraan bij ministeriële regeling nadere voorwaarden kunnen worden gesteld, doet blijken dat een van beiden op zakelijke gronden een gedeelte van de woning huurt van de ander, of

  6. die in het aan het kalenderjaar voorafgaande kalenderjaar reeds partner van de belastingplichtige was.

2.

Degene die ingevolge het eerste lid voor een deel van het kalenderjaar als partner wordt aangemerkt, wordt ook als partner aangemerkt in de andere perioden van het kalenderjaar, voor zover hij in die perioden op hetzelfde woonadres als de belastingplichtige staat ingeschreven in de basisregistratie personen.

3.

Een persoon kan op enig moment slechts één partner hebben. Indien de belastingplichtige op grond van het eerste lid op dat moment meer dan één partner zou hebben, geldt als partner van de belastingplichtige degene die ingevolge artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen scales op dat moment als partner wordt aangemerkt; mocht op grond van artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen op dat moment geen persoon als partner zijn aangemerkt, geldt als partner degene die op grond van de in het eerste lid eerstgenoemde categorie als partner wordt aangemerkt.

4.

In afwijking van artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen scales en het eerste lid wordt niet als partner aangemerkt:

  1. een bloed- of aanverwant in de eerste graad van de belastingplichtige, tenzij beiden bij de aanvang van het kalenderjaar de leeftijd van 27 jaar hebben bereikt;

  2. een persoon die geen inwoner is van Nederland en geen kwalificerende buitenlandse belastingplichtige als bedoeld in artikel 7.8 scales is;

  3. een persoon die de leeftijd van 27 jaar nog niet heeft bereikt en voor wie de belastingplichtige in enig jaar een pleegvergoeding heeft ontvangen op grond van de Wet op de jeugdzorg of de Jeugdwet, dan wel voor wie de belastingplichtige in enig jaar kinderbijslag heeft ontvangen op grond van de Algemene Kinderbijslagwet scales , indien de belastingplichtige en deze persoon in enig jaar een gezamenlijk verzoek hebben ingediend bij de inspecteur om niet als partners te worden aangemerkt.

5.

Personen die partners waren op grond van het eerste lid, blijven als partners aangemerkt nadat de in dat onderdeel bedoelde inschrijving op hetzelfde woonadres niet langer mogelijk is als gevolg van opname in een verpleeghuis of verzorgingshuis vanwege medische redenen of ouderdom van een van hen, zolang na het einde van die inschrijving op hetzelfde woonadres ten aanzien van geen van beiden een derde persoon als partner wordt aangemerkt. De eerste volzin vindt geen toepassing meer indien één van beiden door middel van een schriftelijke kennisgeving aan de inspecteur laat weten dat zij niet langer als partners willen worden aangemerkt. Bij ministeriële regeling kunnen nadere regels worden gesteld ten behoeve van de uitvoering van dit lid.

6.

Voor de toepassing van deze wet en de daarop berustende bepalingen worden twee ongehuwde personen die met toepassing van de vorige leden en artikel 5a van de Algemene wet inzake rijksbelastingen scales als elkaars partners worden aangemerkt, voor de bepaling van aanverwantschap gelijkgesteld met gehuwden.

7.

Onder partner wordt niet verstaan degene die uitsluitend ingevolge het eerste lid, onderdeel e, als partner wordt aangemerkt en woont in een accommodatie van een instelling die opvang als bedoeld in artikel 1.1.1 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 scales biedt, mits de belastingplichtige een afschrift van de beschikkingen, bedoeld in artikel 2.3.5, tweede lid, van die wet scales , tot het treffen van een maatwerkvoorziening voor hem en voor de persoon, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, ten behoeve van opvang overlegt.

8.

Een aanverwant van de belastingplichtige wordt uitsluitend als aanverwant als bedoeld in het vierde lid, onderdeel a, aangemerkt ingeval de belastingplichtige en de aanverwant in enig jaar een gezamenlijk verzoek bij de inspecteur hebben ingediend om niet als partners te worden aangemerkt.

9.

Een persoon die op basis van een verzoek als bedoeld in het vierde lid, onderdeel c, en het achtste lid niet als partner van de belastingplichtige wordt aangemerkt, wordt eveneens niet als partner van de belastingplichtige aangemerkt voor de toepassing van de Algemene wet inkomensafhankelijke regelingen scales .

Artikel 1.3 [Vervallen per 01-01-2011]

 
 
 

Artikel 1.4. Pleegkind

 
 
 

Artikel 1.5. In belangrijke mate onderhouden van kinderen

 
 
 

Artikel 1.6. Mogendheid

 
 
 

Artikel 1.6a. Levensverzekering

 
 
 

Artikel 1.7. Lijfrenten en pensioenen

 
 
 

Artikel 1.7a [Vervallen per 01-01-2011]

 
 
 

Artikel 1.7b [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 1.8. Wederzijdse erkenning

 
 
 

Artikel 1.9. Gelijkstelling met basisregistratie personen

 
 
 

Artikel 1.10 [Vervallen per 01-01-2004]

 
 
 

Hoofdstuk 2. Raamwerk

 
 
 

Afdeling 2.1. Belastingplichtigen

 
 
 

Artikel 2.1. Belastingplichtigen

 
 
 

Artikel 2.2. Woonplaatsfictie

 
 
 

Afdeling 2.2. Heffingsgrondslagen

 
 
 

Artikel 2.3. Heffingsgrondslagen

 
 
 

Artikel 2.4. Bepalingen heffingsgrondslagen

 
 
 

Artikel 2.5 [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Artikel 2.6. Keuzerecht voor in het buitenland geworven deskundigen

 
 
 

Afdeling 2.3. Verschuldigde inkomstenbelasting

 
 
 

Artikel 2.7. Verschuldigde inkomstenbelasting; hoofdregel

 
 
 

Artikel 2.8. Verschuldigde inkomstenbelasting op gewone aanslag

 
 
 

Artikel 2.9. Verschuldigde belasting op conserverende aanslag

 
 
 

Artikel 2.10. Tarief belastbaar inkomen uit werk en woning

 
 
 

Artikel 2.10a. Tarief belastbaar inkomen uit werk en woning voor belastingplichtigen geboren vóór 1 januari 1946

 
 
 

Artikel 2.11 [Vervallen per 01-04-2017]

 
 
 

Artikel 2.11a. Verrekening belastingkorting voor verlies uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 2.12. Tarief belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 2.13. Tarief belastbaar inkomen uit sparen en beleggen

 
 
 

Afdeling 2.4. Toerekeningsregels

 
 
 

Artikel 2.14. Toerekening tussen en binnen de belastbare inkomens

 
 
 

Artikel 2.14a. Toerekening afgezonderd particulier vermogen

 
 
 

Artikel 2.15. Toerekening inkomensbestanddelen, rendementsgrondslag en geheven dividendbelasting van een minderjarig kind

 
 
 

Artikel 2.16. Verhaalsrecht

 
 
 

Artikel 2.17. Toerekening inkomensbestanddelen, bestanddelen van de rendementsgrondslag, geheven dividendbelasting en korting voor groene beleggingen van de belastingplichtige en zijn partner

 
 
 

Afdeling 2.5. Verzamelinkomen

 
 
 

Artikel 2.18. Verzamelinkomen

 
 
 

Hoofdstuk 3. Heffingsgrondslag bij werk en woning

 
 
 

Afdeling 3.1. Belastbaar inkomen uit werk en woning

 
 
 

Artikel 3.1. Belastbaar inkomen uit werk en woning

 
 
 

Afdeling 3.2. Belastbare winst uit onderneming

 
 
 

Paragraaf 3.2.1. Belastbare winst uit onderneming

 
 
 

Artikel 3.2. Belastbare winst uit onderneming

 
 
 

Artikel 3.3. Uitbreiding begrip belastbare winst uit onderneming

 
 
 

Artikel 3.4. Begrip ondernemer

 
 
 

Artikel 3.5. Zelfstandig uitgeoefend beroep

 
 
 

Artikel 3.6. Begrip urencriterium

 
 
 

Artikel 3.7 [Vervallen per 01-01-2003]

 
 
 

Paragraaf 3.2.2. Winst uit een onderneming

 
 
 

Artikel 3.8. Winst

 
 
 

Artikel 3.9. Maximum verlies

 
 
 

Artikel 3.10. Verliezen uit de aanloopfase van een onderneming

 
 
 

Artikel 3.11. Vrijstelling voor bosbedrijf

 
 
 

Artikel 3.12. Landbouwvrijstelling

 
 
 

Artikel 3.12a [Vervallen per 01-07-2007]

 
 
 

Artikel 3.13. Overige vrijstellingen

 
 
 

Artikel 3.14. Van aftrek uitgesloten algemene kosten

 
 
 

Artikel 3.15. In aftrek beperkte algemene kosten

 
 
 

Artikel 3.16. Van aftrek uitgesloten kosten ten behoeve van de belastingplichtige

 
 
 

Artikel 3.17. In aftrek beperkte kosten ten behoeve van de belastingplichtige

 
 
 

Artikel 3.18. Premies voor beroeps- of bedrijfstakpensioenregeling

 
 
 

Artikel 3.19. Bijtelling privé-gebruik woning

 
 
 

Artikel 3.20. Bijtelling privégebruik auto

 
 
 

Artikel 3.21. Bonusaandelen van beleggingsinstellingen

 
 
 

Artikel 3.22. Winst uit zeescheepvaart aan de hand van tonnage

 
 
 

Artikel 3.23. Bepaling van de winst aan de hand van de tonnage

 
 
 

Artikel 3.24. Beëindiging bepaling van de winst aan de hand van de tonnage

 
 
 

Artikel 3.25. Jaarwinst

 
 
 

Artikel 3.26. Loon- en prijswijzigingen na afloop jaar

 
 
 

Artikel 3.27. Loon- en prijswijzigingen na afloop jaar en betaling

 
 
 

Artikel 3.28. Loon- en prijswijzigingen na afloop jaar en rekenrente pensioenvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.29. Waardering pensioenverplichtingen en soortgelijke verplichtingen

 
 
 

Artikel 3.29a. Waardering van een belang in een vrijgestelde beleggingsinstelling

 
 
 

Artikel 3.29b. Waardering onderhanden werk en onderhanden opdrachten

 
 
 

Artikel 3.29c. Beperking afwaardering op lagere bedrijfswaarde

 
 
 

Artikel 3.30. Afschrijving op bedrijfsmiddelen

 
 
 

Artikel 3.30a. Beperking afschrijving gebouwen

 
 
 

Artikel 3.31. Willekeurige afschrijving milieu-bedrijfsmiddelen

 
 
 

Artikel 3.32 [Vervallen per 01-01-2005]

 
 
 

Artikel 3.33 [Vervallen per 01-07-2007]

 
 
 

Artikel 3.34. Willekeurige afschrijving andere aangewezen bedrijfsmiddelen

 
 
 

Artikel 3.34a. Grondslag willekeurige afschrijving bij afboeking herinvesteringsreserve

 
 
 

Artikel 3.35. Aanvang willekeurige afschrijving

 
 
 

Artikel 3.36. Administratieve verplichtingen willekeurige afschrijving

 
 
 

Artikel 3.37. Mogelijkheid verplichte verklaring bij willekeurige afschrijving

 
 
 

Artikel 3.38. Terugnemen willekeurige afschrijving

 
 
 

Artikel 3.39. Toepasselijk regime afschrijvingen

 
 
 

Artikel 3.40. Investeringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.41. Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.42. Energie-investeringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.42a. Milieu-investeringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.42b [Vervallen per 01-07-2007]

 
 
 

Artikel 3.43. Begrip investeren

 
 
 

Artikel 3.44. Investeringsaftrek bij nog niet in gebruik genomen bedrijfsmiddelen

 
 
 

Artikel 3.45. Uitgesloten bedrijfsmiddelen voor investeringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.46. Uitgesloten verplichtingen voor investeringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.47. Desinvesteringsbijtelling

 
 
 

Artikel 3.47a [Vervallen per 01-07-2007]

 
 
 

Artikel 3.48 [Vervallen per 01-01-2004]

 
 
 

Artikel 3.49 [Vervallen per 01-01-2004]

 
 
 

Artikel 3.50 [Vervallen per 01-01-2004]

 
 
 

Artikel 3.51. Toepasselijk regime investeringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.52. Wijziging willekeurige afschrijving en investeringsaftrek

 
 
 

Artikel 3.52a [Vervallen per 01-01-2016]

 
 
 

Artikel 3.53. Fiscale reserves

 
 
 

Artikel 3.54. Herinvesteringsreserve

 
 
 

Artikel 3.54a. Terugkeerreserve

 
 
 

Artikel 3.55. Aandelenfusie

 
 
 

Artikel 3.56. Juridische splitsing

 
 
 

Artikel 3.57. Juridische fusie

 
 
 

Artikel 3.58. Staking door overlijden

 
 
 

Artikel 3.59. Doorschuiving of staking door ontbinding huwelijksgemeenschap

 
 
 

Artikel 3.60. Overbrenging vermogensbestanddelen naar het buitenland

 
 
 

Artikel 3.61. Eindafrekening

 
 
 

Artikel 3.62. Doorschuiving bij staking door overlijden

 
 
 

Artikel 3.63. Doorschuiving naar ondernemers

 
 
 

Artikel 3.64. Doorschuiving via te conserveren inkomen naar andere onderneming

 
 
 

Artikel 3.65. Omzetting in een NV of BV

 
 
 

Artikel 3.66. Niet met het kalenderjaar samenvallend boekjaar

 
 
 

Paragraaf 3.2.3. Oudedagsreserve

 
 
 

Artikel 3.67. Toegang toevoegingen oudedagsreserve

 
 
 

Artikel 3.68. Toevoegingen

 
 
 

Artikel 3.69. Extra toevoegingen

 
 
 

Artikel 3.70. Afnemingen

 
 
 

Artikel 3.71. Ondernemingsvermogen

 
 
 

Artikel 3.72. Meer dan één onderneming

 
 
 

Artikel 3.73. Niet met het kalenderjaar samenvallend boekjaar

 
 
 

Paragraaf 3.2.4. Ondernemersaftrek

 
 
 

Artikel 3.74. Berekening ondernemersaftrek

 
 
 

Artikel 3.75. Meer dan één onderneming

 
 
 

Artikel 3.76. Zelfstandigenaftrek

 
 
 

Artikel 3.77. Aftrek speur- en ontwikkelingswerk

 
 
 

Artikel 3.78. Meewerkaftrek

 
 
 

Artikel 3.78a. Startersaftrek bij arbeidsongeschiktheid

 
 
 

Artikel 3.79. Stakingsaftrek

 
 
 

Paragraaf 3.2.5. MKB-winstvrijstelling

 
 
 

Artikel 3.79a. MKB-winstvrijstelling

 
 
 

Afdeling 3.3. Belastbaar loon

 
 
 

Paragraaf 3.3.1. Belastbaar loon

 
 
 

Artikel 3.80. Belastbaar loon

 
 
 

Artikel 3.81. Loon

 
 
 

Artikel 3.82. Uitbreiding begrip loon

 
 
 

Artikel 3.83. Pensioen in grensoverschrijdende situaties

 
 
 

Artikel 3.84. Vrijstelling eindheffingsbestanddelen

 
 
 

Paragraaf 3.3.2. Reisaftrek

 
 
 

Artikel 3.85 [Vervallen per 01-01-2007]

 
 
 

Artikel 3.86 [Vervallen per 01-01-2003]

 
 
 

Artikel 3.87. Reisaftrek

 
 
 

Artikel 3.88 [Vervallen per 01-01-2003]

 
 
 

Artikel 3.89 [Vervallen per 01-01-2007]

 
 
 

Afdeling 3.4. Belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden

 
 
 

Paragraaf 3.4.1. Belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden

 
 
 

Artikel 3.90. Belastbaar resultaat uit overige werkzaamheden

 
 
 

Artikel 3.91. Ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen aan een onderneming of werkzaamheid

 
 
 

Artikel 3.92. Ter beschikking stellen van vermogensbestanddelen aan een vennootschap waarin een aanmerkelijk belang wordt gehouden

 
 
 

Artikel 3.92a. Opwaarderingsreserve

 
 
 

Artikel 3.92b. Met een werkzaamheid verband houdende lucratieve belangen

 
 
 

Artikel 3.93. Bijzondere bepalingen begrip werkzaamheden

 
 
 

Paragraaf 3.4.2. Resultaat uit een werkzaamheid

 
 
 

Artikel 3.94. Resultaat uit een werkzaamheid

 
 
 

Artikel 3.95. Bepaling van het resultaat

 
 
 

Artikel 3.95a. Aftrek bij het toepassing vinden van

 
 
 

Artikel 3.95b. Aanvullende bepaling resultaat bij lucratieve belangen

 
 
 

Artikel 3.96. Vrijstelling

 
 
 

Artikel 3.97. Keuzemogelijkheid bij het houden van kostgangers

 
 
 

Artikel 3.98. Doorschuiving bij ontbinding van de vennootschap

 
 
 

Artikel 3.98a. Omzetting van een afgewaardeerde vordering als bedoeld in

 
 
 

Artikel 3.98b. Vervreemding van een afgewaardeerde vordering

 
 
 

Artikel 3.98c. Doorschuiving bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht

 
 
 

Artikel 3.98d. Doorschuiving bij overgang krachtens verdeling van een huwelijksgemeenschap anders dan door overlijden

 
 
 

Artikel 3.99. Overgang werkzaamheid in onderneming

 
 
 

Artikel 3.99a [Vervallen per 01-01-2011]

 
 
 

Paragraaf 3.4.3. Terbeschikkingstellingsvrijstelling

 
 
 

Artikel 3.99b. Terbeschikkingstellingsvrijstelling

 
 
 

Afdeling 3.5. Belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen

 
 
 

Artikel 3.100. Belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen

 
 
 

Artikel 3.101. Aangewezen periodieke uitkeringen en verstrekkingen

 
 
 

Artikel 3.102. Algemene uitbreidingen aangewezen uitkeringen

 
 
 

Artikel 3.103. Specifieke uitbreidingen publiekrechtelijke uitkeringen

 
 
 

Artikel 3.104. Vrijstellingen publiekrechtelijke uitkeringen

 
 
 

Artikel 3.105. Specifieke uitbreidingen familierechtelijke uitkeringen

 
 
 

Artikel 3.106. Uitbreidingen uitkeringen uit inkomensvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.107. Uitgezonderde uitkeringen uit inkomensvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.107a. Bepaling omvang belastbare periodieke uitkeringen en verstrekkingen

 
 
 

Artikel 3.108. Aftrekbare kosten van aangewezen uitkeringen en van uitkeringen uit inkomensvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.109. Van aftrek uitgesloten kosten

 
 
 

Afdeling 3.5a. [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.109a [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Afdeling 3.6. Belastbare inkomsten uit eigen woning

 
 
 

Artikel 3.110. Belastbare inkomsten uit eigen woning

 
 
 

Artikel 3.111. Eigen woning

 
 
 

Artikel 3.112. Eigenwoningforfait

 
 
 

Artikel 3.113. Tijdelijke verhuur

 
 
 

Artikel 3.114. Kamerverhuurvrijstelling

 
 
 

Artikel 3.115. Toedeling eigenwoningforfait

 
 
 

Artikel 3.116 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.116a [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.117 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.118 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.118a [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.119 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.119a. Eigenwoningschuld

 
 
 

Artikel 3.119aa. Eigenwoningreserve

 
 
 

Artikel 3.119b. Beschikking eigenwoningreserve

 
 
 

Artikel 3.119c. Aflossingseis

 
 
 

Artikel 3.119d. Aflossingsstand

 
 
 

Artikel 3.119e. Kortstondig afwijken van aflossingsschema en betalingsregelingen

 
 
 

Artikel 3.119f. Verhuisregelingen

 
 
 

Artikel 3.119g. Informatieplicht bij schulden bij anderen dan aangewezen administratieplichtigen

 
 
 

Artikel 3.120. Aftrekbare kosten eigen woning

 
 
 

Artikel 3.120a. Aftrekbare kosten restschuld vervreemde eigen woning

 
 
 

Artikel 3.121. Aftrekbare kosten gedeelde eigen woning bij gezamenlijke bewoning

 
 
 

Artikel 3.122 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.123. Kosten voor verbetering of onderhoud eigen woning

 
 
 

Afdeling 3.6a. Aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld

 
 
 

Artikel 3.123a. Aftrek wegens geen of geringe eigenwoningschuld

 
 
 

Afdeling 3.7. Uitgaven voor inkomensvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.124. Uitgaven voor inkomensvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.125. Lijfrentevoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.126. Toegelaten aanbieders

 
 
 

Artikel 3.126a. Uitgaven voor inkomensvoorzieningen via een lijfrenterekening of een lijfrentebeleggingsrecht

 
 
 

Artikel 3.127. In aanmerking te nemen premies voor lijfrenten

 
 
 

Artikel 3.128. Omzetting oudedagsreserve in lijfrente

 
 
 

Artikel 3.129. Omzetting stakingswinst in lijfrente

 
 
 

Artikel 3.130. Tijdstip aftrek premies voor lijfrenten

 
 
 

Artikel 3.131. Aftrek premies voor lijfrenten na overlijden ondernemer

 
 
 

Artikel 3.131a [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 3.131b [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Afdeling 3.8. Negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.132. Negatieve uitgaven voor inkomensvoorzieningen

 
 
 

Artikel 3.133. Uitbreiding begrip negatieve uitgaven bij handelen in strijd met de voorwaarden

 
 
 

Artikel 3.134. Handelingen die niet leiden tot een negatieve uitgave

 
 
 

Artikel 3.135. Specifieke uitbreiding begrip negatieve uitgaven bij beroepspensioenen

 
 
 

Artikel 3.136. Uitbreiding begrip negatieve uitgaven bij emigratie

 
 
 

Artikel 3.137. In aanmerking te nemen bedrag bij uitbreidingen van het begrip negatieve uitgaven

 
 
 

Artikel 3.138. Verminderingen en voorkoming dubbeltellingen

 
 
 

Afdeling 3.9. Negatieve persoonsgebonden aftrek

 
 
 

Artikel 3.139. Negatieve persoonsgebonden aftrek

 
 
 

Afdeling 3.10. [Vervallen per 01-01-2005]

 
 
 

Artikel 3.140 [Vervallen per 01-01-2005]

 
 
 

Artikel 3.141 [Vervallen per 01-01-2005]

 
 
 

Artikel 3.142 [Vervallen per 01-01-2005]

 
 
 

Artikel 3.143 [Vervallen per 01-01-2005]

 
 
 

Afdeling 3.11. Waardering niet in geld genoten inkomen

 
 
 

Artikel 3.144. Waardering niet in geld genoten inkomen

 
 
 

Artikel 3.145 [Vervallen per 01-01-2006]

 
 
 

Afdeling 3.12. Tijdstip genieten en aftrek

 
 
 

Artikel 3.146. Tijdstip genieten

 
 
 

Artikel 3.147. Tijdstip aftrek

 
 
 

Afdeling 3.13. Verliesverrekening

 
 
 

Artikel 3.148. Verlies

 
 
 

Artikel 3.149. Te conserveren inkomen buiten beschouwing

 
 
 

Artikel 3.150. Verliesverrekening

 
 
 

Artikel 3.151. Vaststelling verlies

 
 
 

Artikel 3.152. Formalisering achterwaartse verliesverrekening

 
 
 

Artikel 3.153. Formalisering voorwaartse verliesverrekening

 
 
 

Afdeling 3.14. Middeling

 
 
 

Artikel 3.154. Middeling

 
 
 

Artikel 3.155. Te conserveren inkomen buiten beschouwing

 
 
 

Afdeling 3.15. [Vervallen per 01-05-2016]

 
 
 

Artikel 3.156 [Vervallen per 01-05-2016]

 
 
 

Artikel 3.157 [Vervallen per 01-05-2016]

 
 
 

Hoofdstuk 4. Heffingsgrondslag bij aanmerkelijk belang

 
 
 

Afdeling 4.1. Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 4.1. Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Afdeling 4.2. Gelijkstellingen

 
 
 

Artikel 4.2. Beëindiging aanverwantschap door echtscheiding

 
 
 

Artikel 4.3. Genotsrechten

 
 
 

Artikel 4.4. Koopopties gelijkgesteld met onderliggende waarde

 
 
 

Artikel 4.5. Participaties open fondsen voor gemene rekening

 
 
 

Artikel 4.5a. Coöperaties

 
 
 

Afdeling 4.3. Aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 4.6. Begrip aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 4.7. Gelijkstelling; aandelen met bijzondere rechten

 
 
 

Artikel 4.8. Omvang kapitaal

 
 
 

Artikel 4.9. Meesleepregeling

 
 
 

Artikel 4.10. Meetrekregeling

 
 
 

Artikel 4.11. Fictief aanmerkelijk belang

 
 
 

Afdeling 4.4. Inkomen uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 4.12. Inkomen uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 4.12a. Bij een vererfd aanmerkelijk belang, binnen twee jaar afboeking reguliere voordelen op verkrijgingsprijs

 
 
 

Afdeling 4.5. Reguliere voordelen

 
 
 

Paragraaf 4.5.1. Reguliere voordelen

 
 
 

Artikel 4.13. Reguliere voordelen

 
 
 

Paragraaf 4.5.2. De omvang van reguliere voordelen

 
 
 

Artikel 4.14. Forfaitair voordeel uit vrijgestelde beleggingsinstellingen en uit buitenlandse beleggingslichamen

 
 
 

Artikel 4.15. Kosten van reguliere voordelen

 
 
 

Afdeling 4.6. Vervreemdingsvoordelen

 
 
 

Paragraaf 4.6.1. Als vervreemding aan te merken rechtshandelingen

 
 
 

Artikel 4.16. Fictieve vervreemdingen

 
 
 

Artikel 4.17. Uitzondering bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en verdeling huwelijksgemeenschap anders dan door overlijden

 
 
 

Artikel 4.17a. Uitzondering bij overgang krachtens erfrecht

 
 
 

Artikel 4.17b. Uitzondering bij verdeling nalatenschap binnen twee jaar

 
 
 

Artikel 4.17c. Uitzondering bij overdracht krachtens schenking

 
 
 

Artikel 4.18. Passanten

 
 
 

Paragraaf 4.6.2. De omvang van vervreemdingsvoordelen

 
 
 

Artikel 4.19. Vervreemdingsvoordelen

 
 
 

Artikel 4.20. Overdrachtsprijs

 
 
 

Artikel 4.21. Verkrijgingsprijs

 
 
 

Artikel 4.22. Correctie naar waarde in het economisch verkeer

 
 
 

Artikel 4.23. Verkrijgingsprijs bij ontstaan aanmerkelijk belang na verkrijging

 
 
 

Artikel 4.24. Geen tussentijdse verliesneming

 
 
 

Artikel 4.24bis. Negatief vervreemdingsvoordeel in samenhang met een afgezonderd particulier vermogen

 
 
 

Artikel 4.24a. geen negatief vervreemdingsvoordeel bij geruisloze terugkeer uit een BV

 
 
 

Artikel 4.25. Verkrijgingsprijs bij het ontstaan van binnenlandse belastingplicht

 
 
 

Artikel 4.26. Bonusaandelen en winstbewijzen

 
 
 

Artikel 4.27. Voordelen uit vrijgestelde beleggingsinstellingen en uit buitenlandse beleggingslichamen

 
 
 

Artikel 4.28. Overdrachtsprijs in termijnen

 
 
 

Artikel 4.29. Aanpassingen overdrachtsprijs

 
 
 

Artikel 4.30. Verkrijgingsprijs koopopties bij uitoefening of expiratie

 
 
 

Artikel 4.31. Verleende koopopties

 
 
 

Artikel 4.32. Putopties

 
 
 

Artikel 4.33. Vermindering verkrijgingsprijs bij terugbetaling aandelenkapitaal

 
 
 

Artikel 4.33a. Vaststelling verkrijgingsprijs bij omzetting afgewaardeerde vordering

 
 
 

Artikel 4.34. Liquidatie-uitkeringen

 
 
 

Artikel 4.35. Vestigingsplaats

 
 
 

Afdeling 4.7. Vaststellen verkrijgingsprijs

 
 
 

Artikel 4.36. Beschikking

 
 
 

Artikel 4.37. Herziening beschikking

 
 
 

Afdeling 4.8. Doorschuifregelingen

 
 
 

Paragraaf 4.8.1. Afrekening op verzoek bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht

 
 
 

Artikel 4.38. Afrekening op verzoek

 
 
 

Paragraaf 4.8.1a. Doorschuiving verkrijgingsprijs bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en erfrecht alsmede bij overdracht krachtens schenking

 
 
 

Artikel 4.39. Doorschuiving verkrijgingsprijs bij overgang krachtens huwelijksvermogensrecht en verdeling huwelijksgemeenschap

 
 
 

Artikel 4.39a. Doorschuiving verkrijgingsprijs bij overgang krachtens erfrecht

 
 
 

Artikel 4.39b. Doorschuiving verkrijgingsprijs bij verdeling nalatenschap binnen twee jaar

 
 
 

Artikel 4.39c. Doorschuiving verkrijgingsprijs bij overdracht krachtens schenking

 
 
 

Paragraaf 4.8.2. Doorschuiving indien niet langer een aanmerkelijk belang aanwezig is

 
 
 

Artikel 4.40. Doorschuiving op verzoek (mogelijk ontstaan fictief aanmerkelijk belang)

 
 
 

Paragraaf 4.8.3. Doorschuiving in het kader van een aandelenfusie, juridische fusie of splitsing

 
 
 

Artikel 4.41. Doorschuiving op verzoek (mogelijk ontstaan fictief aanmerkelijk belang)

 
 
 

Artikel 4.42. Doorschuiving verkrijgingsprijs

 
 
 

Paragraaf 4.8.4. Doorschuiving in het kader van een geruisloze terugkeer

 
 
 

Artikel 4.42a. Doorschuiving vervreemdingsvoordeel bij geruisloze terugkeer

 
 
 

Afdeling 4.9. Genietingstijdstip

 
 
 

Artikel 4.43. Genietingstijdstip reguliere voordelen

 
 
 

Artikel 4.44. Betalingstijdstip aftrekbare kosten

 
 
 

Artikel 4.45. Vooruitbetaalde rente

 
 
 

Artikel 4.46. Genietingstijdstip vervreemdingsvoordelen

 
 
 

Afdeling 4.10. Verliesverrekening

 
 
 

Artikel 4.47. Verlies

 
 
 

Artikel 4.48. Te conserveren inkomen buiten beschouwing

 
 
 

Artikel 4.49. Verliesverrekening

 
 
 

Artikel 4.50. Vaststelling verlies

 
 
 

Artikel 4.51. Formalisering achterwaartse verliesverrekening

 
 
 

Artikel 4.52. Formalisering voorwaartse verliesverrekening

 
 
 

Artikel 4.53. Omzetting verlies bij einde aanmerkelijk belang in een belastingkorting

 
 
 

Hoofdstuk 5. Heffingsgrondslag bij sparen en beleggen

 
 
 

Afdeling 5.1. Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen

 
 
 

Artikel 5.1. Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen

 
 
 

Artikel 5.2. Voordeel uit sparen en beleggen

 
 
 

Artikel 5.3. Rendementsgrondslag

 
 
 

Artikel 5.4. Toedeling bij bepaalde verkrijgingen krachtens erfrecht

 
 
 

Artikel 5.5. Heffingvrij vermogen

 
 
 

Artikel 5.6 [Vervallen per 01-01-2016]

 
 
 

Afdeling 5.2. Vrijstellingen

 
 
 

Artikel 5.7. Vrijstelling bos- en natuurterreinen en landgoederen

 
 
 

Artikel 5.8. Vrijstelling voorwerpen van kunst en wetenschap

 
 
 

Artikel 5.9. Vrijstelling rechten op roerende zaken krachtens erfrecht

 
 
 

Artikel 5.10. Vrijstelling bepaalde rechten

 
 
 

Artikel 5.11 [Vervallen per 01-01-2012]

 
 
 

Artikel 5.12. Vrijstelling kortlopende termijnen van inkomsten en verplichtingen

 
 
 

Afdeling 5.3. Groene beleggingen

 
 
 

Artikel 5.13. Vrijstelling groene beleggingen

 
 
 

Artikel 5.14. Vrijstelling groene beleggingen

 
 
 

Artikel 5.15 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Afdeling 5.3A. Vrijstelling nettolijfrenten

 
 
 

Artikel 5.16. Vrijstelling nettolijfrenten

 
 
 

Artikel 5.16a. Toegelaten aanbieders

 
 
 

Artikel 5.16b. Begrenzing premie nettolijfrente

 
 
 

Artikel 5.16c. Onregelmatige handelingen met nettolijfrenten

 
 
 

Afdeling 5.3B.

 
 
 

Artikel 5.17. Vrijstelling nettopensioen

 
 
 

Artikel 5.17a. Netto-ouderdomspensioen

 
 
 

Artikel 5.17b. Nettopartnerpensioen

 
 
 

Artikel 5.17c. Nettowezenpensioen

 
 
 

Artikel 5.17d. Overschrijding maxima nettopensioen

 
 
 

Artikel 5.17e. Onregelmatige handelingen met nettopensioen

 
 
 

Artikel 5.17f. Delegatiebevoegdheid

 
 
 

Afdeling 5.4. Waardering

 
 
 

Artikel 5.18 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 5.19. Waardering bezittingen en schulden; algemeen

 
 
 

Artikel 5.20. Waardering woningen andere dan eigen woningen

 
 
 

Artikel 5.21. Waardering effecten

 
 
 

Artikel 5.22. Waardering genotsrechten

 
 
 

Artikel 5.23. Waardering: aanvullende regels

 
 
 

Hoofdstuk 6. Persoonsgebonden aftrek

 
 
 

Afdeling 6.1. Persoonsgebonden aftrek

 
 
 

Artikel 6.1. Persoonsgebonden aftrek

 
 
 

Artikel 6.2. In aanmerking nemen persoonsgebonden aftrek

 
 
 

Artikel 6.2a. Vaststelling niet in aanmerking genomen persoonsgebonden aftrek

 
 
 

Artikel 6.2b [Vervallen per 01-01-2009]

 
 
 

Afdeling 6.2. Onderhoudsverplichtingen

 
 
 

Artikel 6.3. Onderhoudsverplichtingen

 
 
 

Artikel 6.4. Uitgesloten onderhoudsverplichtingen

 
 
 

Artikel 6.5. Afkoop alimentatie door betaling lijfrentepremie

 
 
 

Artikel 6.6. Verrekening van pensioenrechten door betaling lijfrentepremie

 
 
 

Artikel 6.7. Uitbreiding familierechtelijke uitkeringen

 
 
 

Afdeling 6.3. [Vervallen per 01-01-2011]

 
 
 

Artikel 6.8 [Vervallen per 01-01-2011]

 
 
 

Artikel 6.9 [Vervallen per 31-10-2001]

 
 
 

Artikel 6.10 [Vervallen per 31-10-2001]

 
 
 

Artikel 6.11 [Vervallen per 31-10-2001]

 
 
 

Artikel 6.12 [Vervallen per 31-10-2001]

 
 
 

Afdeling 6.4. [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Artikel 6.13 [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Artikel 6.14 [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Artikel 6.15 [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Afdeling 6.5. Uitgaven voor specifieke zorgkosten

 
 
 

Artikel 6.16. Kring van personen waarvan specifieke zorgkosten in aanmerking worden genomen

 
 
 

Artikel 6.17. Uitgaven voor specifieke zorgkosten

 
 
 

Artikel 6.18. Beperkingen van uitgaven voor specifieke zorgkosten

 
 
 

Artikel 6.19. Verhoging uitgaven voor specifieke zorgkosten

 
 
 

Artikel 6.20. Omvang in aanmerking te nemen uitgaven voor specifieke zorgkosten

 
 
 

Artikel 6.21 [Vervallen per 01-01-2009]

 
 
 

Artikel 6.22 [Vervallen per 01-01-2009]

 
 
 

Artikel 6.23 [Vervallen per 01-01-2009]

 
 
 

Artikel 6.24 [Vervallen per 01-01-2009]

 
 
 

Afdeling 6.6. Weekenduitgaven voor gehandicapten

 
 
 

Artikel 6.25. Definities

 
 
 

Artikel 6.26. Het in aanmerking te nemen bedrag

 
 
 

Afdeling 6.7. Scholingsuitgaven

 
 
 

Artikel 6.27. Scholingsuitgaven

 
 
 

Artikel 6.28. Beperkingen

 
 
 

Artikel 6.29 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 6.30. Omvang in aanmerking te nemen uitgaven

 
 
 

Afdeling 6.8. [Vervallen per 01-01-2019]

 
 
 

Artikel 6.31 [Vervallen per 01-01-2019]

 
 
 

Afdeling 6.9. Aftrekbare giften

 
 
 

Artikel 6.32. Aftrekbare giften

 
 
 

Artikel 6.33. Definities

 
 
 

Artikel 6.34. Periodieke giften

 
 
 

Artikel 6.35. Andere giften

 
 
 

Artikel 6.36. Afzien van vergoedingen

 
 
 

Artikel 6.37 [Vervallen per 11-04-2007]

 
 
 

Artikel 6.38. Het in aanmerking nemen van periodieke giften

 
 
 

Artikel 6.39. Omvang in aanmerking te nemen andere giften

 
 
 

Artikel 6.39a. Giften aan culturele instellingen

 
 
 

Afdeling 6.10. Tijdstip aftrek

 
 
 

Artikel 6.40. Tijdstip aftrek

 
 
 

Hoofdstuk 7. Belastingheffing van buitenlandse belastingplichtigen

 
 
 

Afdeling 7.1. Nederlands inkomen

 
 
 

Artikel 7.1. Nederlands inkomen

 
 
 

Afdeling 7.2. Belastbaar inkomen uit werk en woning

 
 
 

Artikel 7.2. Belastbaar inkomen uit werk en woning

 
 
 

Artikel 7.3. Vrijstelling internationaal verkeer

 
 
 

Artikel 7.4. Werkzaamheden buitengaats

 
 
 

Afdeling 7.3. Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 7.5. Belastbaar inkomen uit aanmerkelijk belang

 
 
 

Artikel 7.6. Verkrijgingsprijs aanmerkelijk belang

 
 
 

Afdeling 7.4. Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen

 
 
 

Artikel 7.7. Belastbaar inkomen uit sparen en beleggen

 
 
 

Afdeling 7.5. Kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen

 
 
 

Artikel 7.8. Kwalificerende buitenlandse belastingplichtigen

 
 
 

Hoofdstuk 8. Heffingskorting

 
 
 

Afdeling 8.1. Aansluiting belasting- en premieheffing

 
 
 

Artikel 8.1. Definities

 
 
 

Artikel 8.2. Bedrag van de standaardheffingskorting

 
 
 

Artikel 8.3. Berekening heffingskorting voor de inkomstenbelasting

 
 
 

Artikel 8.4. Berekening heffingskorting voor de algemene ouderdomsverzekering

 
 
 

Artikel 8.5. Berekening heffingskorting voor de nabestaandenverzekering

 
 
 

Artikel 8.6. Berekening heffingskorting voor de verzekering langdurige zorg

 
 
 

Artikel 8.7. Bijzondere regels voor de berekening van de heffingskortingen

 
 
 

Artikel 8.8. Maximum gecombineerde heffingskorting

 
 
 

Artikel 8.9. Verhoging maximum gecombineerde heffingskorting bij minstverdienende partner

 
 
 

Artikel 8.9a. Bijzondere verhoging heffingskorting voor de inkomstenbelasting voor niet-premieplichtigen

 
 
 

Afdeling 8.2. Elementen van de standaardheffingskorting

 
 
 

Artikel 8.10. Algemene heffingskorting

 
 
 

Artikel 8.11. Arbeidskorting

 
 
 

Artikel 8.12 [Vervallen per 01-01-2018]

 
 
 

Artikel 8.13 [Vervallen per 01-01-2006]

 
 
 

Artikel 8.14 [Vervallen per 01-01-2009]

 
 
 

Artikel 8.14a. Inkomensafhankelijke combinatiekorting

 
 
 

Artikel 8.14b [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Artikel 8.15 [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Artikel 8.16 [Vervallen per 01-01-2011]

 
 
 

Artikel 8.16a. Jonggehandicaptenkorting

 
 
 

Artikel 8.17. Ouderenkorting

 
 
 

Artikel 8.18. Alleenstaande ouderenkorting

 
 
 

Artikel 8.18a [Vervallen per 01-01-2012]

 
 
 

Artikel 8.18b [Vervallen per 01-01-2007]

 
 
 

Artikel 8.19. Korting voor groene beleggingen

 
 
 

Artikel 8.20 [Vervallen per 01-01-2013]

 
 
 

Artikel 8.21 [Vervallen per 01-01-2003]

 
 
 

Artikel 8.22. Toeslag voor MKB-beleggingen

 
 
 

Hoofdstuk 9. Wijze van heffing

 
 
 

Afdeling 9.1. Heffing bij wege van aanslag

 
 
 

Artikel 9.1. Heffing bij wege van aanslag of conserverende aanslag

 
 
 

Artikel 9.2. Voorheffingen

 
 
 

Artikel 9.3 [Vervallen per 01-01-2009]

 
 
 

Artikel 9.4. Wel of geen aanslag

 
 
 

Afdeling 9.2. Bijzondere regels

 
 
 

Artikel 9.5. Bijzondere regels voor voorlopige aanslagen

 
 
 

Artikel 9.6. Bijzondere regels voor ambtshalve verminderingen

 
 
 

Hoofdstuk 10. Aanvullende regelingen

 
 
 

Afdeling 10.1. Indexering

 
 
 

Artikel 10.1. Inflatiecorrectie

 
 
 

Artikel 10.2. De tabelcorrectiefactor

 
 
 

Artikel 10.2a. Jaarlijkse aanpassing correctie tarief aftrekbare kosten eigen woning

 
 
 

Artikel 10.2b. Contractloonontwikkelingscorrectie

 
 
 

Artikel 10.3. Bijstelling eigenwoningforfait

 
 
 

Artikel 10.3a [Vervallen per 01-01-2019]

 
 
 

Artikel 10.4 [Vervallen per 01-01-2012]

 
 
 

Artikel 10.5. Afronding en definitie indexcijfer van de woninghuren

 
 
 

Artikel 10.6. Indexering vrijstelling kamerverhuur

 
 
 

Artikel 10.6bis. Herijking percentages forfaitair voordeel uit vermogen

 
 
 

Artikel 10.6a. Jaarlijkse verlaging percentage in regeling gecombineerde heffingskorting bij minstverdienende partner

 
 
 

Artikel 10.6b. Indexering percentage algemene heffingskorting

 
 
 

Artikel 10.7. Indexering inkomensgrenzen en percentages arbeidskorting

 
 
 

Artikel 10.7a [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Afdeling 10.2. Overige aanvullende regelingen

 
 
 

Artikel 10.8. Verstrekken van gegevens en inlichtingen

 
 
 

Artikel 10.9. Rechtspersonen met natuurschoonwet-landgoederen

 
 
 

Artikel 10.10. Activa in Aruba, Curaçao, Sint Maarten of de BES eilanden

 
 
 

Hoofdstuk 10bis. Overgangsrecht ten gevolge van

 
 
 

Artikel 10bis.1. Bestaande eigenwoningschuld

 
 
 

Artikel 10bis.2. Kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.2a. Verlenging termijn kapitaalverzekering eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.2b. Overeenkomstige toepassing

 
 
 

Artikel 10bis.3. Belastbare inkomsten uit eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.4. Voordeel uit kapitaalverzekering eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.5. Voordeel uit spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.6. Vrijstelling kapitaalverzekering eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.7. Vrijstelling spaarrekening eigen woning en vrijstelling beleggingsrecht eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.8. Omzetting kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.9. Eigenwoningschuld en eigenwoningreserve

 
 
 

Artikel 10bis.10. Aftrekbare kosten eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.11. Aftrekbare kosten na eerder gebruik vrijstelling kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.11a. Verzoek gezamenlijk genieten kapitaalverzekering eigen woning, spaarrekening eigen woning of beleggingsrecht eigen woning

 
 
 

Artikel 10bis.12. Indexatie

 
 
 

Hoofdstuk 10A. Overig overgangsrecht ten gevolge van wijzigingswetten

 
 
 

Artikel 10a.1. Overgangsrecht in verband met afschaffing per 1 januari 2006 van premieaftrek voor overbruggingslijfrenten

 
 
 

Artikel 10a.2. Overgangsbepaling waardering onderhanden werk en onderhanden opdrachten vanwege invoering

 
 
 

Artikel 10a.3. Overgangsbepaling afschrijving op bedrijfsmiddelen vanwege wijziging en invoering

 
 
 

Artikel 10a.4. Overgangsbepaling bij in verband met de wijziging van artikel 3.20 per 1 juli 2006 en per 1 januari 2017 en van de per 1 januari 2014

 
 
 

Artikel 10a.5. Overgangsrecht in verband met het vervallen van de mogelijkheid dat een natuurlijke persoon als pensioenverzekeraar optreedt

 
 
 

Artikel 10a.6. Overgangsbepaling met ingang van 2009 voor de toepassing van en

 
 
 

Artikel 10a.7. Overgangsbepaling toerekening afgezonderd particulier vermogen

 
 
 

Artikel 10a.8 [Vervallen per 01-01-2015]

 
 
 

Artikel 10a.9. Overgangsbepaling verliezen op beleggingen in durfkapitaal in verband met het vervallen van per 1 januari 2011

 
 
 

Artikel 10a.9a. Overgangsbepaling teruggave van of nagekomen betaling ter zake van uitgaven voor specifieke zorgkosten [Nog niet in werking]

 
 
 

Artikel 10a.10 [Vervallen per 01-01-2016]

 
 
 

Artikel 10a.11. Overgangsbepaling levensloopregelingen

 
 
 

Artikel 10a.12. Overgangsrecht tijdelijke oudedagslijfrenten bij verhoging van de AOW-leeftijd

 
 
 

Artikel 10a.13. Overgangsbepaling stamrechtspaarrekeningen en stamrechtbeleggingsrechten

 
 
 

Artikel 10a.14 [Vervallen per 01-01-2017]

 
 
 

Artikel 10a.15. Overgangsbepaling nettolijfrente en nettopensioen

 
 
 

Artikel 10a.16. Overgangsbepaling scholingsuitgaven studiejaren tot en met het studiejaar 2014/2015

 
 
 

Artikel 10a.17. Overgangsbepaling buitenlandse bronbelasting als voorheffing

 
 
 

Artikel 10a.18. Overgangsbepaling uitfaseren pensioen in eigen beheer

 
 
 

Artikel 10a.19. Overgangsbepaling conserverende aanslagen lijfrente en pensioen

 
 
 

Artikel 10a.20. Overgangsbepaling teruggave van of nagekomen betaling ter zake van uitgaven voor monumentenpanden

 
 
 

Hoofdstuk 10b.

 
 
 

Artikel 10b.1. Horizonbepaling

 
 
 

Hoofdstuk 11. Slotbepalingen

 
 
 

Artikel 11.1. Intrekking van de Wet op de inkomstenbelasting 1964 en de Wet op de vermogensbelasting 1964

 
 
 

Artikel 11.2. Integrale tekstpublicatie en nummering

 
 
 

Artikel 11.3. Inwerkingtreding

 
 
 

Artikel 11.4. Citeertitel

 
 
 

Slotformulier en ondertekening