Na onherroepelijke aanslag is geruisloze fusie onmogelijk

23 juni 2022

Vennootschappen die een juridische fusie fiscaal geruisloos willen laten plaatsvinden, moeten daartoe tijdig een verzoek indienen. Dat betekent dat zij het verzoek moeten indienen voordat een aanslag op grond van de ruisende fusie onherroepelijk is geworden.


Op 23 december 2016 vindt een juridische fusie plaats met twee vennootschappen. Zij willen dat de juridische fusie tot 1 januari 2016 terugwerkende kracht heeft. Namens de verdwijnende vennootschap wordt op 26 april 2018 de aangifte Vpb 2016 ingediend. Deze aangifte ziet op de periode 1 januari 2016 tot en met 23 december 2016. De inspecteur kondigt op 18 december 2016 aan dat hij de belastbare winst van de verkrijgende bv zal aanpassen. Hij stelt namelijk dat de juridische fusie ruisend heeft plaatsgevonden. De bv ontvangt op 13 april 2019 haar definitieve aanslag Vpb 2016. Daarin heeft de Belastingdienst de aangekondigde correcties toegepast. Vervolgens tekent de bv bezwaar aan tegen de aanslag.
De bv dient op 28 januari 2020 een verzoek in om toepassing van de geruisloze fusie. Zij erkent dat zij daarmee te laat is, maar doet een beroep op een goedkeuring van de staatssecretaris van Financiën. Dankzij deze goedkeuring is een fiscaal geruisloze juridische fusie ook mogelijk na het te laat indienen van een verzoek daartoe. Maar in die situatie moeten de partijen wel voldoen aan alle andere wettelijke voorwaarden. Daarnaast mag de overdracht van de onderneming bij de verdwijnende of verkrijgende rechtspersoon niet hebben geleid tot een definitieve aanslag:

  • die onherroepelijk vaststaat en

  • waarbij een belaste overdracht het uitgangspunt is geweest.

In deze zaak voldoet de bv niet aan de voorwaarden van de goedkeuring met betrekking tot de aanslag. Maar zij stelt dat de cumulatieve voorwaarden te restrictief zijn. Rechtbank Gelderland gaat daarin niet mee. Op zich zijn voorwaarden van een goedkeuring buiten beschouwing te laten als ze kennelijk onredelijk zouden zijn. Maar de rechtbank wijst erop dat volgens de hoofdregel een juridische fusie leidt tot fiscale afrekening. De doorschuiffaciliteit is al een begunstigende regeling. Dus is de goedkeuring bij een te laat verzoek een begunstiging op een begunstiging. Onder zulke omstandigheden is het hanteren van de voorwaarden niet zo gauw onredelijk. Daarnaast zijn de voorwaarden bij de goedkeuring bedoeld om incidentele voordelen te vermijden. De rechtbank oordeelt dan ook dat de inspecteur de toepassing van de geruisloze juridische fusie terecht heeft geweigerd.

Bron: Rb. Gelderland 01-12-2021 (gepubl. 21-06-2022) ( ECLI:NL:RBGEL:2021:6398 gavel )
Wet: art. 14b lid 3 scales Wet Vpb 1969, Besluit juridische fusie, onderdeel 8.2 (Stcrt. 2021, 22892)
Practice note: Juridische fusie spiralbound