Belastingdienst moet schrijven als bellen niet lukt

06 november 2019

Heeft een belastingplichtige eenmaal om een telefonische horing verzocht, dan mag de inspecteur zijn pogingen om een afspraak te maken voor een horing niet na een beetje tegenslag opgeven. Als hij de belanghebbende niet telefonisch kan bereiken, zal de inspecteur de afspraak op schriftelijke wijze moeten maken.

Een man maakt bezwaar tegen een aanslag inkomstenbelasting en de daarbij opgelegde verzuimboete. Hij laat de fiscus weten dat hij telefonisch wil worden gehoord. De inspecteur probeert telefonisch een afspraak met de gemachtigde van de man te maken, maar krijgt hem niet aan de lijn. De Belastingdienst besluit op het bezwaarschrift van de man te beslissen zonder eerst een horing te houden en verlaagt de boete. Hof Den Bosch oordeelt dat de inspecteur niet zomaar ervan had mogen uitgaan dat de man heeft afgezien van zijn hoorrecht. Dit geldt al helemaal als een boete in geschil is. Bovendien is de Belastingdienst niet volledig aan het bezwaar van de man tegemoet is gekomen. De boete is immers alleen maar verlaagd, maar niet vernietigd. Het hof meent dat de man mogelijk in zijn belang is geschaad. De Belastingdienst had de gemachtigde van de man schriftelijk moeten benaderen om een afspraak voor een horing te maken. Het hof oordeelt dat de inspecteur opnieuw op het bezwaarschrift van de man moet beslissen, maar pas nadat een telefonische horing heeft plaatsgevonden.

Bron: Hof Den Bosch 30-08-2019, nrs. 18/00484 en 18/00485 (gepubl. 05-11-2019) (ECLI:NL:GHSHE:2019:3251)
Wet: art. 7:2 Awb