Sterke banden verhinderen voorkoming dubbele belasting

24 maart 2020

Doordat belanghebbende de Nederlandse nationaliteit heeft, een woning in Nederland bezit en binnen een jaar weer naar Nederland is teruggekeerd, vindt de rechtbank dat sprake is van een duurzame band van persoonlijke aard met Nederland. De pensioeninkomsten zijn terecht in Nederland belast.

Belanghebbende en zijn echtgenote hebben in Nederland heel 2016 een eigen woning ter beschikking en verbleven daar van 1 januari 2016 tot 1 april 2016. Belanghebbende heeft de Nederlandse nationaliteit. Vanaf 1 april 2016 tot 2 januari 2017 verbleven belanghebbende en zijn echtgenote in Saudi-Arabië en zijn vervolgens naar Nederland teruggekeerd. Belanghebbende heeft in Saudi-Arabië werkzaamheden verricht voor een aldaar gevestigde werkgever. In 2016 ontving belanghebbende € 73.249 aan pensioenen en uitkeringen uit Nederland. Belanghebbende heeft voor de periode dat hij in Saudi-Arabië verbleef, verzocht om aftrek ter voorkoming van dubbele belasting over uit Nederland genoten pensioen. De inspecteur is het daar niet mee eens en corrigeert de aangifte.
In geschil is of belanghebbende terecht voor het gehele jaar in de inkomstenbelasting is betrokken als binnenlands belastingplichtige.
De rechtbank concludeert dat, gelet op de feiten en omstandigheden, de inspecteur belanghebbende heel 2016 terecht in de inkomstenbelasting heeft betrokken als binnenlands belastingplichtige. Dit betekent dat de pensioenen en uitkeringen volledig in Nederland belast zijn. De rechtbank overweegt daarbij dat belanghebbende in 2016 een duurzame band van persoonlijke aard met Nederland heeft gehad. Daarbij is van belang dat belanghebbende de Nederlandse nationaliteit heeft en in Nederland over een woning in eigendom beschikt. De arbeidsovereenkomst met de opdrachtgever in Saudi-Arabië is voor een jaar gesloten. Ook stelt de rechtbank vast dat belanghebbende met de door hem overgelegde documenten niet aannemelijk heeft gemaakt dat hij voor het belastingverdrag Nederland – Saudi-Arabië inwoner van Saudi-Arabië is geweest.
Het beroep is ongegrond.

Op grond van art. 2.1 Wet IB 2001 is een natuurlijk persoon die in Nederland woont binnenlands belastingplichtig. Art. 4 AWR bepaalt dat waar iemand woont naar de omstandigheden wordt beoordeeld. Het betreft een feitelijke beslissing. Gelet op de sterke banden van belanghebbende met Nederland onderschrijf ik de beslissing van de rechtbank.

Bron: Rb. Zeeland-West-Brabant 19-02-2020, nr. BRE – 18_7440 (ECLI:NL:RBZWB:2020:879)
Wet: art. 2.1 Wet IB, art. 4 AWR