Kosten van terugplaatsen cryo-embryo en uitgaven voor specifieke zorgkosten
Kosten van terugplaatsen cryo-embryo en uitgaven voor specifieke zorgkosten
Gegevens
- Kenmerk
- KG:202:2023:34
- Publicatiedatum
- 7 november 2023
- Bron
- Kennisgroepen Standpunten
- Status
- Geldig
Aanleiding
Een 43-jarige vrouw ondergaat in verband met verminderde vruchtbaarheid een in-vitro-fertilisatie (hierna: IVF) behandeling. Bij deze IVF-behandeling zijn de embryo’s ingevroren die niet zijn gebruikt. Dit worden cryo-embryo’s genoemd. Op enig moment krijgt de vrouw na een doorgaande zwangerschap[1] een terugplaatsing van een cryo-embryo.
Vraag
Zijn de kosten van de terugplaatsing van een cryo-embryo bij een vrouw van 43 jaar of ouder aftrekbaar als uitgaven voor specifieke zorgkosten?
Antwoord
Voor de beantwoording van deze vraag is het van belang of voorafgaand aan de terugplaatsing van een cryo-embryo sprake is geweest van een doorgaande zwangerschap.
Indien geen sprake is geweest van een doorgaande zwangerschap vóór de terugplaatsing van de cryo-embryo’s, wordt de terugplaatsing als een IVF-poging aangemerkt. Afhankelijk van de leeftijd van de belastingplichtige en het aantal IVF-pogingen kan de terugplaatsing worden vergoed door de zorgverzekeraar en zullen de uitgaven niet op de belastingplichtige drukken. In dat geval zijn de kosten van terugplaatsing van een cryo-embryo niet aftrekbaar als uitgaven voor specifieke zorgkosten. Wanneer de kosten van de terugplaatsing niet worden vergoed omdat de vrouw ten tijde van de start van de IVF-poging 43 jaar of ouder is, zijn de kosten van terugplaatsing – wanneer geen sprake is geweest van een doorgaande zwangerschap - alsnog niet aftrekbaar als uitgaven voor specifieke zorgkosten, omdat uitgaven voor IVF voor een vrouw die ten tijde van de behandeling 43 jaar of ouder is, op grond van artikel 39a, onderdeel a, URIB 2001 van aftrek zijn uitgesloten.
Indien wel sprake is geweest van een doorgaande zwangerschap vóór de terugplaatsing van de cryo-embryo’s valt de terugplaatsing onder de aanspraak vruchtbaarheidsgerelateerde zorg. Tot de leeftijd van 43 jaar wordt vruchtbaarheidsgerelateerde zorg (onder voorwaarden) vergoed door de zorgverzekeraar en zullen de uitgaven ook niet op de belastingplichtige drukken. Vanaf de 43-jarige leeftijd bestaat geen recht meer op vergoeding vanuit de Zorgverzekeringswet. Op basis van de tekst van artikel 39a, onderdeel a, URIB 2001 valt vruchtbaarheidsgerelateerde zorg voor een vrouw die ten tijde van de behandeling 43 jaar of ouder is, niet onder de uitsluiting van aftrek van uitgaven voor specifieke zorgkosten. De kosten voor de terugplaatsing van de cryo-embryo’s na een doorgaande zwangerschap zijn dan wél aftrekbaar als uitgaven voor specifieke zorgkosten, mits aan de overige voorwaarden voor aftrek wordt voldaan.