Beroepspensioenfonds valt niet onder btw-vrijstelling collectieve belegging

Beroepspensioenfonds valt niet onder btw-vrijstelling collectieve belegging

Gegevens

Nummer
2025/823
Publicatiedatum
31 juli 2025
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:GHDHA:2025:1328
Rubriek
Uitspraak

Een beroepspensioenfonds met een middelloonregeling voldoet niet aan de voorwaarden voor btw-vrijstelling als beleggingsfonds. Deelnemers delen niet direct volledig in beleggingsrisico’s.


Stichting [X] is een beroepspensioenfonds dat de pensioenregeling uitvoert voor een bepaalde beroepsgroep. De pensioenregeling is een uitkeringsregeling op basis van een middelloonsystematiek, maar wordt uitgevoerd als een collectieve beschikbare premieregeling. De premie bedraagt 24,7% van de pensioengrondslag. Op ouderdomspensioenaanspraken wordt jaarlijks een onvoorwaardelijke vaste toeslag van 1,5% verleend. Daarnaast kan een variabele toeslag worden toegekend als de beleidsdekkingsgraad boven 110% uitkomt. Het geschil betreft de vraag of het pensioenfonds kwalificeert als een ter collectieve belegging bijeengebracht vermogen in de zin van artikel 11, lid 1, onderdeel i, ten derde, Wet OB 1968, specifiek of de pensioendeelnemers het beleggingsrisico dragen.

Aanspraken niet in eerste plaats afhankelijk van beleggingsresultaat Het hof oordeelt dat het pensioenfonds niet kwalificeert voor de btw-vrijstelling. Doorslaggevend is dat het bedrag van de pensioenrechten en -uitkeringen niet in de eerste plaats afhankelijk is van de beleggingsresultaten. Het bedrag is wel in ruime mate vooraf bepaald op basis van het pensioengevend inkomen en het aantal dienstjaren. De deelnemer loopt indirect een beperkt risico dat wordt gedempt door waarborgen en de rekenrente, die de scherpste fluctuaties voorkomt. Het hof volgt niet het standpunt van het pensioenfonds dat 66% van de uitkeringen uit beleggingsresultaat bestaat. Het gaat namelijk om vergelijkbaar beleggingsrisico en niet om beleggingsresultaten.

Geen vergelijkbaarheid met DC-fonds Het hof verwerpt ook het subsidiaire beroep op fiscale neutraliteit. Het pensioenfonds is niet vergelijkbaar met een Defined Contribution-pensioenfonds (DC-fonds) dat wel als collectief beleggingsfonds wordt aangemerkt. Bij een DC-fonds heeft de deelnemer geen aanspraak op een bepaalde uitkering na pensionering, maar wordt de premie op een individuele rekening belegd. De deelnemers van het pensioenfonds delen niet direct en volledig in de positieve en negatieve uitschieters, dankzij het dempende effect van de rekenrente. Bij een DC-fonds ondervinden deelnemers direct en volledig de gevolgen van deze uitschieters.

Bron: Gerechtshof Den Haag, 24-06-2025, ECLI:NL:GHDHA:2025:1328, BK-22/628 | NDFR
Wet: art. 11 lid 1 onderdeel i Wet OB 1968