Verhuur padel- en squashbaan is vrijgesteld van btw

Verhuur padel- en squashbaan is vrijgesteld van btw

Gegevens

Nummer
2026/561
Publicatiedatum
1 mei 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:RBDHA:2026:9436
Rubriek
Uitspraak

Rechtbank Den Haag oordeelt dat de verhuur van squash- en padelbanen aan particuliere sporters vrijgestelde verhuur van onroerende zaken is. De verhuur is daarom niet belast als het geven van gelegenheid tot sportbeoefening tegen 9% btw.


Een fiscale eenheid exploiteert squash- en padelcentra. In die centra is ook steeds een horecagelegenheid aanwezig. Sporters kunnen voor een bepaalde tijdsduur en tegen een tarief per tijdseenheid of op basis van een abonnement een squash- of padelbaan huren. De fiscale eenheid draagt vanaf 1 januari 2024, op grond van een vaststellingsovereenkomst met de inspecteur, 9% omzetbelasting af over de verhuur van deze banen. Zij doet dit in afwachting van een onherroepelijke rechterlijke uitspraak. Over juni 2024 maakt zij bezwaar tegen de teruggaafbeschikking omzetbelasting, omdat zij vindt dat de verhuur aan particuliere sporters vrijgesteld is. In geschil is of sprake is van vrijgestelde verhuur van onroerende zaken of van belast gelegenheid geven tot sportbeoefening.

Passieve verhuur van banen De rechtbank stelt voorop dat verhuur van onroerende zaken is vrijgesteld van omzetbelasting. Het geven van gelegenheid tot sportbeoefening valt juist onder het verlaagde tarief. Volgens de rechtbank is beslissend wat de objectieve aard van de prestatie is. Een sporter reserveert online een specifieke squash- of padelbaan voor een bepaalde datum en tijdsduur. Daarmee krijgt hij het exclusieve gebruiksrecht van die baan. Andere sporters zijn gedurende die gereserveerde tijd van het gebruik uitgesloten. De rechtbank ziet daarin de kenmerkende elementen van verhuur van onroerend goed.

Geen complex van sportdiensten Dat in de centra toiletten, kleedruimten, douches en horeca aanwezig zijn, maakt dat volgens de rechtbank niet anders. Er is geen personeel aanwezig in de squash- of padelhal en het horecapersoneel houdt geen toezicht op de banen. Alleen in uitzonderlijke gevallen, bijvoorbeeld bij defecte verlichting, kan een sporter zich melden bij de bar. Ook het onderhoud aan de banen is beperkt. De verhuur houdt daarom niet meer in dan het passief ter beschikking stellen van een baan. Dat de huurder die baan gebruikt om te squashen of te padellen, betekent nog niet dat de fiscale eenheid gelegenheid geeft tot sportbeoefening. Het beroep is gegrond en de teruggaaf over juni 2024 wordt verhoogd.

Bron: Rb. Den Haag, 07-04-2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:9436
Wet: art. 11 lid 1 letter b Wet OB 1968