Belastingrechter onbevoegd bij schade door bankbeslag

Belastingrechter onbevoegd bij schade door bankbeslag

Gegevens

Nummer
2026/589
Publicatiedatum
12 mei 2026
Auteur
Redactie
ECLI
ECLI:NL:GHARL:2026:2748
Rubriek
Uitspraak

Hof Arnhem-Leeuwarden oordeelt dat de belastingrechter niet bevoegd is om te beslissen over schade door bankbeslag en verrekening. De vennootschap moet daarvoor naar de burgerlijke rechter.


Een vennootschap krijgt over tijdvakken in 2020 en 2021 naheffingsaanslagen loonheffingen en omzetbelasting. Door een technische fout worden de aanslagen naar een verouderd adres gestuurd. De vennootschap betaalt niet op tijd, waarna de ontvanger aanmaningen en dwangbevelen stuurt, vervolgingskosten rekent en bankbeslag legt. Later vermindert de ontvanger de vervolgingskosten en invorderingsrente tot nihil. In hoger beroep is alleen nog in geschil of de belastingrechter mag oordelen over de schadeclaim wegens het bankbeslag en de verrekeningen.

Belastingrechter onbevoegd Het hof oordeelt dat dwanginvordering en verrekening zijn geregeld in de Invorderingswet 1990. Tegen besluiten daarover staat geen beroep open bij de bestuursrechter. Dat geldt ook voor een verzoek om schadevergoeding dat uit die invorderingshandelingen voortvloeit. De rechtbank heeft zich daarom terecht onbevoegd verklaard. De vennootschap moet met haar schadeclaim naar de burgerlijke rechter. Het hoger beroep is ongegrond.

Bron: Hof Arnhem-Leeuwarden, 21-04-2026, ECLI:NL:GHARL:2026:2748
Wet: art. 8:5 Awb, art. 11 en art. 24 Iw 1990