Geen verliesverrekening zonder verliesvaststellingsbeschikking
Geen verliesverrekening zonder verliesvaststellingsbeschikking
Gegevens
- Nummer
- 2026/142
- Publicatiedatum
- 9 februari 2026
- Auteur
- Redactie
- Rubriek
- Uitspraak
De rechtbank oordeelt dat zonder verliesvaststellingsbeschikking geen verliesverrekening mogelijk is, ook niet als persoonlijke omstandigheden de oorzaak zijn. De inspecteur hoeft daarom bij de aanslag ib/pvv 2021 geen rekening te houden met een geschat verlies uit eerdere jaren.
Een man krijgt voor 2021 een aanslag ib/pvv opgelegd naar een belastbaar inkomen uit werk en woning van € 69.134. Hij stelt dat hij recht heeft op verrekening van een verlies van € 62.300 uit eerdere jaren. In de jaren 2015, 2017 tot en met 2020 zijn zijn aanslagen vastgesteld op nihil. Over 2016 heeft hij geen aangifte gedaan en is de aanslag ambtshalve vastgesteld. De man is in 2016 failliet gegaan en stelt dat zijn administratie bij de curator is terechtgekomen. Door ingrijpende persoonlijke omstandigheden, waaronder dakloosheid en het overlijden van zijn echtgenote, heeft hij geen verliesvaststellingsbeschikking ontvangen. Volgens hem mag de inspecteur hem dat niet tegenwerpen. In geschil is of hij in 2021 toch recht heeft op verliesverrekening.
Zonder beschikking geen verrekenbaar verlies Rechtbank Noord-Holland stelt voorop dat een verlies uit werk en woning alleen kan worden verrekend als de inspecteur dit verlies bij voor bezwaar vatbare beschikking heeft vastgesteld. Dat volgt rechtstreeks uit artikel 3.151 Wet IB 2001 en vaste rechtspraak van de Hoge Raad. Vast staat dat voor de door de man gestelde verliezen geen verliesvaststellingsbeschikking is afgegeven. Daarmee ontbreekt een wettelijke basis voor verliesverrekening in 2021. Dat de man de hoogte van het verlies schat en dat zijn administratie bij de curator ligt, maakt dit niet anders.
Persoonlijke omstandigheden bieden geen ruimte De rechtbank toont begrip voor de moeilijke situatie waarin de man is beland, maar benadrukt dat persoonlijke omstandigheden geen rol kunnen spelen bij de toepassing van de verliesverrekeningsregels. De inspecteur heeft zich dus niet te formeel opgesteld. Wel vermindert de rechtbank de aanslag omdat de inspecteur na het instellen van beroep alsnog een restant persoonsgebonden aftrek toepast. Het beroep is daarom formeel gegrond, maar inhoudelijk bestaat geen recht op verliesverrekening over 2021.
Bron: Rb. Noord-Holland, 18-12-2025, ECLI:NL:RBNHO:2025:14884
Wet: art. 3.151 Wet IB 2001